De leerlingen van de drie verrijkingsochtenden moesten een verhaal afschrijven. Het verhaal gaat over drie wetenschappers die een vreemde planeet, genaamd 'Moendoes', ontdekken. Ze komen, in een groot doolhof, terecht bij een trap die de diepte in gaat in.....

 

In de woensdaggroep was Danae de winnares. Lees haar spannende verhaal maar eens!

 

De reuze Kalif Maja

Stapje voor stapje gaat zij naar beneden. Sophie en Milan volgen haar op de voet. Terwijl de Moendianen doorgaan met Pi, Pi, Pi roepen. Het is er nogal vochtig. En het stinkt er ook nogal behoorlijk naar verrotte adem. Sara probeert in de verte te kijken. ‘Zie je iets?’ vraagt Milan. ‘Nee’ zegt Sara ‘het is te donker’. ‘Maar waar komt die stank dan vandaan?’ vraagt Sophie. ‘Ik heb geen idee’ antwoordt Milan. ‘Misschien komen we erachter als we verder lopen’ zegt Sara. ‘Maar waarom vinden die Moendianen dat zo gevaarlijk?’ vraagt Sophie. ‘O bah, de stank wordt steeds erger’ roept Milan. ‘Stil eens’ zegt Sara. ‘Ik hoor gegrom. O nee, toch niet, ik denk dat ik het mij verbeeldde.’ Zwijgend lopen zij voorzichtig verder. De Moendianen waren inmiddels al gestopt met Pi, Pi, Pi roepen. Na 10 minuten lopen stapt Sophie op iets wat kraakt. Sophie geeft een gil. Maar als Sophie nog een gil geeft, wordt de stank nog erger. ‘ Maar wacht eens even’ zegt Milan opeens. ‘Jij hebt toch een zaklamp bij je?’ ‘O ja, dat is waar ook’ gilt Sara. En zij pakt haar zaklamp. Zij had beter haar mond kunnen houden want de stank wordt nog erger. Als zij haar zaklamp aandoet, is Milan aan het gillen. Aaaaaah, een skelet van een Moendiaan! En daar nog een! Alleen wordt de stank nog erger en nog erger totdat het niet meer te houden is. ‘He, wat is dat voor een geluid?’ vraagt Sophie zich af. Ze kijken alle drie om. Het zijn de Moendianen die aan het huilen zijn. Vanwege de skeletten. Waarschijnlijk waren dat familie of vrienden. ‘Alleen wij moeten daar niet opletten anders moeten wij ook nog huilen’ zei Sara. Toen zei Milan ‘Maar goed, heeft iemand gasmakers mee? Ik in ieder geval niet’ antwoordt Sophie. ‘En ik geloof dat Sara dat ook niet heeft. He, het wordt warmer’ zegt Sara. ‘He, ja, je hebt gelijk’ zei Sophie toen. ‘Schijn nu eens naar voren Sara, met je zaklamp. Want die stank is ook niet te harden’. ‘Ieeeeee’ nu was het de beurt om alle drie te gillen. ‘W-w-wat is d-d-dat?’ zei Milan. ‘Dat is een reuze Kalif Maja!’ gilt Sara. ‘Nu begrijp ik waar die stank vandaag komt. We gaan er aan!’ gilt Sophie. Maar daardoor gaat de reuze Kalif Maja juist achter Sophie aan rennen. Sara en Milan snappen niet waarom maar moeten daardoor juist extra lachen. Als de reuze Kalif Maja dat door heeft, gaat hij gewoon mee doen met lachen. En als Sara haar tong uitsteekt dan woeps! Dan gaat de tong van de Kalif Maja er ook uit. Sara, Sophie en Milan lopen voorzichtig naar de Reuze Kalif Maja en aaien hem voorzichtig. De Reuze Kalif Maja blijkt het fijn te vinden. Daarna stoppen ze met aaien en gaan ze spelen. Opeens valt het Sara op dat ze de hele tijd aan het spelen zijn zonder zaklamp. Ze loopt in de richting van het licht verder en verder. Totdat het zo’n fel licht is dat ze bijna niets meer kan zien. En opeens staat ze zo, hop, buiten. Waar Sophie en Milan nog steeds aan het spelen zijn. ‘Ik heb de uitgang gevonden!’ gilt Sara. ‘Bewijs’ zegt Milan. ‘Ik heb een tandenborstel en tandpasta meegenomen uit ons ruimteschip!’ ‘Wow’ zegt Sophie ‘zeker om zijn bek op te frissen’. ‘Inderdaad’ antwoordt Sara. En ze gaan meteen aan de slag. De reuze Kalif Maja vindt het best. Als ze klaar zijn zegt Milan ‘Nou Saraatje laat die uitgang van je maar eens zien’. ‘Oké’. En ze loopt naar de uitgang. Als ze buiten zijn en de Moendianen hebben dat door rennen ze gelijk op hem af en knuffelen ze hem. Daarna geven ze Sara, Sophie en Milan een knuffel. Tenslotte gaven Sara, Sophie en Milan de reuze Kalif Maja een knuffel en zeiden dat ze helaas naar huis terug moesten. Ze klommen in het ruimteschip en riepen: ‘We komen nog een keer terug’ en ze vlogen weg.

 

Danae

2 december 2015